Een welbekende lichtkrans verbergt een duisternis die Christenen moeten afwijzen.

Vraag: De halo is al eeuwenlang een populair symbool in de christelijke kunst, maar het is me opgevallen dat jullie hem nooit gebruiken wanneer een van de volgelingen van Jezus Christus afgebeeld wordt. Hebben jullie iets tegen de halo?

Antwoord: Inderdaad, de halo siert al eeuwen populaire afbeeldingen van Jezus, Maria, engelen en heiligen. Maar lang voordat Jezus geboren werd, gebruikten heidense religies de halo al in afbeeldingen van hun goden en leiders. De Encyclopedia Britannica legt uit dat de halo een “stralende cirkel of schijf is die het hoofd van een heilig persoon omringt, een uitbeelding van spiritueel karakter door het symbool van licht. In de Hellenistische en Romeinse kunst verschijnen de zonnegod Helios en Romeinse keizers vaak met een stralenkroon. Vanwege zijn heidense oorsprong werd de vorm in de vroegchristelijke kunst vermeden, maar werd een eenvoudig rond aureool aanvaard door Christelijke keizers voor hun officiële portretten…. In de 5e eeuw werd het soms aan engelen gegeven, maar pas in de 6e eeuw werd de aureool gebruikelijk voor de Maagd Maria en andere heiligen” (“Halo”, Britannica.com, 28 april 2023).

Met deze korte achtergrond in gedachten kunnen we de Bijbel raadplegen om te kijken hoe God de halo ziet. Het oude Israël beledigde voortdurend de ware God door zich in te laten met de aanbidding van andere goden en door heidense praktijken op te nemen in het streven de ware God te aanbidden (vgl. Deuteronomium 12:29-32; 1 Koningen 3:2-3; 2 Kronieken 33:17) . Gods bevelen aan de Israëlieten tonen Zijn haat jegens heidense aanbidding: "U moet al de plaatsen waar de volken van wie u het land in bezit neemt, hun goden gediend hebben, volledig vernielen, op de hoge bergen, op de heuvels en onder elke bladerrijke boom. Hun altaren moet u afbreken, hun gewijde stenen in stukken slaan, hun gewijde palen met vuur verbranden en de beelden van hun goden omhakken; en u moet hun naam uit die plaats doen verdwijnen. U mag tegenover de HEERE, uw God, niet doen zoals zij!" (Deuteronomium 12:2-4).

God zei tegen de Israëlieten dat ze, zodra ze het Beloofde Land waren binnengegaan, alles wat met de valse goden van de voormalige bewoners te maken had, moesten afbreken of platbranden. Deze instructie werd vaak herhaald (bijv. Numeri 33:52; Deuteronomium 7:5), en zorgvuldig gevolgd door trouwe koningen als Hizkia en Josia (2 Kronieken 31:1-3; 34:1-7).

Dit is belangrijk voor God, omdat Hij weet dat het gebruik van heidense praktijken en symbolen mensen naar valse goden leidt. Hij gebood met klem: "Maar hun altaren moet u afbreken, hun gewijde stenen in stukken slaan en hun gewijde palen omhakken want u mag zich niet neerbuigen voor een andere god: de Naam van de HEERE is immers de Na-ijverige. Een na-ijverig God is Hij  ̶ anders sluit u misschien een verbond met de inwoners van het land. Wanneer zij immers als in hoererij achter hun goden aangaan en aan hun goden offers brengen, zou men u kunnen uitnodigen en zou u van hun offer eten. Dan zou u van hun dochters vrouwen nemen voor uw zonen. Hun dochters zouden als in hoererij achter hun goden aan gaan, en uw zonen als in hoererij achter hun goden aan laten gaan" (Exodus 34:13-16). God is "na-ijverig" ten aanzien van Zijn volk en verbiedt hun zich in te laten met heidense praktijken omdat ze tot "hoererij" met valse goden leiden. God gebruikt vaak de beeldspraak van vuiligheid, overspel en hoererij wanneer Hij deze vorm van zonde beschrijft (Richteren 2:17; Ezechiël 6:9; Hosea 4:11-13).

Het gebruik van de heidense halo is een fundamentele schending van het eerste gebod: "U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben" (Exodus 20:3). Dit fundamentele gebod reikt ver; het verbiedt niet alleen de directe verering van andere goden of het worden van aanhanger van een andere religie, maar verbiedt ook het integreren van de overtuigingen, praktijken, gewoonten en symbolen van valse aanbidding in de aanbidding van de ware God (vgl. Deuteronomium 12:4, 31; Mattheüs 6:7; Markus 7:6–8).

Vanuit het perspectief van menselijk redeneren lijkt een cirkel rond iemands hoofd op een schilderij relatief onbetekenend. Maar de kijk van een Christen op het aureool moet dezelfde zijn als die van God, en de Schrift laat consequent zien dat God alle praktijken, gewoonten en symbolen die verband houden met andere goden haat, inclusief het gebruik van aureolen.

Voor meer informatie over hoe praktijken met betrekking tot valse goden in de heersende 'christelijke' godsdienst binnengeslopen zijn, kunt u een gratis exemplaar van Satans vervalste christendom aanvragen, of het online lezen op WereldvanMorgen.nl.