Dit is de vertaling van het Engelstalige artikel “Seven Lies About Abortion” door Wallace G. Smith, verschenen in het Tomorrow’s World magazine in januari 2022

Het zal u veel moeite kosten om in de afgelopen jaren een thema te vinden waarover het debat heviger is geweest dan over het vraagstuk van abortus.

Zoals Emma Green in januari 2018 voor The Atlantic schreef: “Abortus heeft zich altijd onderscheiden van andere thema’s van politiek debat in de Amerikaanse cultuur. Het is moreel omstreden gebleven op een manier die andere sociale kwesties niet hebben, ten minste gedeeltelijk omdat het Amerikanen vraagt om onvoorstelbaar serieuze vragen te beantwoorden over de aard van het menselijk leven.”

Inderdaad, abortus raakt aan veel van de meest elementaire, fundamentele zorgen van de beschaving zelf. Persoonlijke autonomie en vrijheid. Grenzen van het overheidsgezag. Het beoordelen van concurrerende maatschappelijke voordelen. Rechten en verantwoordelijkheden. Oude en moderne ideeën over moraliteit. Verschillen tussen mannen en vrouwen. Gezinsleven en -structuur. Ouderschap. Kindertijd. Individualiteit. Leven en dood.

De kwestie van abortus blijft een verdelende factor en zeer beladen, en we moeten de juiste antwoorden weten – de waarheid die de vele leugens tegenspreekt die zo wijd verspreid zijn over dit controversiële onderwerp.

WAARHEID IS BELANGRIJK

Miljoenen goedbedoelende mensen aan beide zijden van de controverse over abortus denken dat zij een moreel standpunt innemen in een dodelijke oorlog van tegenstrijdige waarden. Weer anderen zien de controverse over abortus cynisch als iets dat ze kunnen uitbuiten voor financieel, politiek of persoonlijk gewin. Sommigen die zeggen tegen abortus te zijn, staan meer te popelen om adreslijsten met campagnedonateurs te vergaren dan om de moeilijke stappen te nemen die het leven van de nog ongeborenen zouden redden. En sommigen die abortus steunen zijn meer geïnteresseerd in persoonlijke winst of gemakkelijke ‘geboortebeperking’ achteraf dan in enig moreel principe dat hun positie zou kunnen rechtvaardigen. Met mensenlevens en bestaansmiddelen op het spel is het geen wonder dat de abortuscontroverse minder als een discussie en meer als een oorlog kan aanvoelen.

Hoewel de oorsprong ervan vaak wordt betwist, blijft de oude spreuk onverminderd waar: De waarheid is het eerste slachtoffer in een oorlog. En de oorlogsvoering over abortus vormt daarop geen uitzondering. Wanneer het doel is politieke punten te scoren ten opzichte van een tegenstander of een gewenst beleid te bevorderen, krijgen gemakkelijke uitspraken niet het onderzoek dat ze verdienen, en leugens – opzettelijk of per ongeluk – blijven vaak onbelicht. Misschien hebben sommigen zichzelf ervan overtuigd dat de leugens die ze vertellen een ‘groter goed’ dienen.

Maar de waarheid is altijd belangrijk. En het ontkennen of negeren van de waarheid over abortus brengt het fundament van onze beschaving zelf in gevaar. Geen enkele samenleving kan lang bestaan wanneer ze gebaseerd is op leugens en onwaarheden, hoe oprecht deze ook mogen worden gepresenteerd.

ZEVEN VEELVOORKOMENDE LEUGENS

Leugens over abortus zijn er te over in maatschappelijke debatten, in politieke toespraken, en in de beweringen van nieuwspresentatoren. En hoewel ze veel verhitte discussies opleveren, is er verder weinig positiefs aan. Velen geloven de volgende leugens oprecht – maar hun oprechtheid verandert leugens niet in waarheid. Laten we dus zeven misleidingen en rookgordijnen onder de loep nemen die vaak door de abortusindustrie naar voren worden gebracht.

 

DE LEUGEN: de keuzemogelijkheid voor abortus moet onbelemmerd zijn bij verkrachting of incest.

DE WAARHEID: meer dan 98 procent van de abortussen vindt plaats na seks uit vrije wil – en ze vernietigen allemaal een mensenleven.

In dit geval komt de leugen in de vorm van een afleidingsmanoeuvre. Verkrachting en incest zijn inderdaad tragedies, maar de abortusindustrie gebruikt deze tragedies vaak als wapen, alsof deze abortus op verzoek, om welke reden dan ook, zouden rechtvaardigen. In werkelijkheid tonen statistieken aan dat deze incidenten zeldzaam zijn. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld houdt de staat Florida het aantal abortussen bij en meldde in november 2018 dat van de 70.239 abortussen die dat jaar in Florida werden uitgevoerd er slechts 109 – ongeveer 0,15 procent – het gevolg waren van verkrachting of incest. Ter vergelijking: 95 procent van de abortussen in de staat was om ‘sociale of economische’ redenen en helemaal niet om medische.

Zelfs een pro-abortus organisatie als het Guttmacher Institute bevestigt het lage percentage van dergelijke abortussen. Bij het analyseren van twee onderzoeken, met 20 jaar tussen beide, waarin vrouwen werd gevraagd waarom zij een abortus wilden, meldde het instituut dat de antwoorden overeenkwamen: “1% gaf aan slachtoffer te zijn geweest van verkrachting, en minder dan een half procent zei zwanger te zijn geworden als gevolg van incest” (“Reasons Women Have Abortions: Quantitative and Qualitative Perspectives”, Perspectives on Sexual and Reproductive Health, vol. 37, no. 3. 2005, pp. 110-118).

Het is onzin om te zeggen dat abortus op verzoek, om welke reden dan ook, moet worden toegestaan vanwege deze zeldzame gevallen. Als u met iemand praat die deze bewering doet, kan het onthullend zijn wanneer u vraagt: Dus, als die 1,5 procent van de abortussen zou zijn toegestaan, wat zou u er dan van vinden om de overgebleven 98,5 procent te verbieden?” Meestal komt men tot de conclusie dat verkrachting en incest niet de zorg van de persoon in kwestie zijn, en dat het behoud van onbelemmerde toegang tot abortus in alle gevallen het werkelijke doel is.

Of het leven in de baarmoeder een menselijk wezen is, wiens leven het waard is om beschermd te worden ongeacht hoe dat leven is verwekt, is een vraag die de moeite van het bespreken waard is. Maar laat u niet misleiden; de claim ‘verkrachting en incest’ wordt vaak gebruikt om u te misleiden en te proberen u in het kamp te lokken van het ondersteunen van abortus op verzoek, om welke reden dan ook.

DE LEUGEN: het aan banden leggen van abortus betekent het in de steek laten van vrouwen in levensbedreigende situaties veroorzaakt door gevaarlijke zwangerschappen.

DE WAARHEID: abortussen om het leven van een moeder te redden zijn zeldzaam en worden al goed bediend door de wet en de medische wetenschap.

Het gelijkstellen van alle abortussen met omstandigheden waarin artsen letterlijk proberen het leven van een moeder te redden wanneer de zwangerschap tragisch misloopt, is een gebruikelijke tactiek – een gebruikelijke misleidende tactiek die de feiten negeert. In minder dan tien landen – zoals het Vaticaan, Malta, de Dominicaanse Republiek, El Salvador en Nicaragua – is abortus niet toegestaan om het leven van de moeder te redden.

De rechtsstelsels van de meeste landen erkennen dat een behandeling om het leven van een moeder te redden moreel niet gelijkstaat met het doden van een ongewenst kind. Zij staan de behandeling toe van buitenbaarmoederlijke zwangerschappen – 1 tot 2% van de zwangerschappen waarbij een bevruchte eicel zich ergens anders dan in de baarmoeder nestelt, vaak in de eileider, en die, gezien de huidige medische technologie, over het algemeen resulteren in de dood van zowel moeder als kind, tenzij artsen ingrijpen of God een wonder verricht.

Ouders die met een dergelijke tragische situatie worden geconfronteerd, verdienen medeleven en steun. Zij verdienen het niet om tot onderwerp van afleiding te worden gemaakt in de kwestie van vrijwillig gekozen abortussen waarbij het leven van de moeder in het geheel niet in gevaar is. Bedenk dat uit dezelfde statistieken in Florida, die eerder werden aangehaald, blijkt dat slechts 0,3 procent van de abortussen in de staat dat jaar het gevolg was van levensbedreigende omstandigheden voor de moeder. Het is een hardvochtige misleiding van voorstanders van abortus om de kwestie van vrijwillig gekozen abortus te verdoezelen en te verwarren met deze hartverscheurende maar zeldzame omstandigheden; de overgrote meerderheid van abortussen wordt uitgevoerd wanneer zowel moeder als kind gezond zijn, maar het kind gewoon ongewenst is.

DE LEUGEN: de foetus is nog niet ver genoeg ontwikkeld om pijn te voelen.

DE WAARHEID: foetale reacties die duiden op pijn zijn al na twaalf weken vanaf conceptie waargenomen.

Volgens bronnen zoals Abortion Care van Cambridge University Press (2014, p. 178) vragen vrouwen die een abortus verlangen veelal: “Zal de baby iets voelen?” Ze krijgen vaak te horen dat het kind vóór 24 weken zwangerschap neurologisch nog niet genoeg ontwikkeld is om pijn te voelen – en dat het kind mogelijk “verdoofd is door de baarmoederomgeving” en “niet volledig bij bewustzijn is.” Maar die beweringen gaan niet langer op – als ze dat ooit al deden.

Zo publiceerde bijvoorbeeld het Journal of Medical Ethics in november 2019 een rapport met de titel “Reconsidering Fetal Pain”, door neurowetenschapper en specialist in pijnsensatie Stuart W. G. Derbyshire en assistent-arts John C. Bockmann van het V.S. leger. Hun conclusie was duidelijk: “Over het geheel genomen wijst het bewijsmateriaal, en een evenwichtige lezing van dat bewijsmateriaal, in de richting van een onmiddellijke en niet-reflectieve pijnervaring die wordt doorgegeven door de zich ontwikkelende functie van het zenuwstelsel vanaf 12 weken” (vol. 46, editie 1, pp. 3-6). In hun artikel erkennen zij dat er nog onopgeloste vragen zijn, maar dat, alles welbeschouwd “wij foetale pijn (als een kern- of onmiddellijke sensatie) binnen de zwangerschapsperiode van 12-24 weken niet langer als onmogelijk beschouwen op basis van de neurowetenschap.”

De onderzoekers gaan zelfs zover dat ze stellen dat artsen zouden moeten overwegen om de foetus verdovende of pijnstillende middelen te geven vóórde abortus in de latere ontwikkelingsweken, en dat handelen alsof foetale ongevoeligheid voor pijn een zekerheid is “flirt met een morele roekeloosheid die we graag willen vermijden.”

Vóór zijn onderzoek had neurowetenschapper Derbyshire de wijdverbreide veronderstelling ondersteund dat een foetus vroeg in zijn ontwikkeling geen pijn kon voelen – hij pleegde hierover zelfs overleg met Planned Parenthood [Ned. vert.: (Organisatie voor) Gepland Ouderschap].Hoewel zijn pro-abortus standpunt ongewijzigd is, hebben de duidelijke implicaties van zijn onderzoek hem ertoe gebracht zijn positie aangaande pijn bij foetussen te herzien.

Nee, het ‘goed of verkeerd’ zijn van abortus hangt niet fundamenteel af van het vermogen van het zich ontwikkelende kind om pijn te voelen. Maar waarheid is waarheid, zelfs als die ongemakkelijk is.

DE LEUGEN: als u anti-abortus bent, bent u anti-vrouw.

DE WAARHEID: vrouwen uit het hele politieke spectrum, van radicale atheïstische feministen tot conservatieve religieuze traditionalisten, zijn het erover eens dat een echt pro-vrouw standpunt ook een stellingname tegen abortus op verzoek moet inhouden.

Het debat over abortus wordt vaak neergezet als een ‘man tegen vrouw’-kwestie, of als onderdeel van een grotere, hypothetische ‘oorlog tegen vrouwen’. Maar een dergelijke framing is objectief onjuist.

In 2018 publiceerde het Pew Research Center resultaten die deze onwaarheid overduidelijk maakten: “Organisaties die pleiten voor legale abortus brengen het vaak als een vrouwenrechtenkwestie. Maar in veel Europese landen en de Verenigde Staten verschillen vrouwen niet beduidend van mannen in hun opvattingen over abortus, volgens een nieuwe analyse van enquêtedata van het Pew Research Center uit 34 Europese naties en de V.S.” (“In the U.S. and Europe, women are about as likely as men to favor legal abortion", PewResearch.org, 14 december 2018, nadruk toegevoegd). Deze trend is in de loop van vele jaren niet significant veranderd.

Sterker nog, het standpunt van ‘linkse’ organisaties zoals Feminists for Life (die slogans hebben als: “Vrouwen verdienen beter dan abortus” en “Abortus is een weerspiegeling van het feit dat we niet hebben voldaan aan de behoeften van vrouwen”) en New Wave Feminists (die op haar website stelt: “wij geloven dat ieder mens een leven moet kunnen leiden vrij van geweld, van de baarmoeder tot het graf”) laten zien dat pleitbezorgers voor ‘vrouwenrechten’ geen pro-abortusfilosofie hoeven aan te nemen.

De politisering van abortus is zo sterk dat sommige pro-leven vrouwengroepen zijn uitgesloten van deelname aan de populaire ‘Vrouwen Mars’ in Washington D.C. – ook al “is”, zoals Emma Green in The Atlantic schreef, “in veel opzichten, de pro-leven beweging ook een vrouwenbeweging: De Mars voor Leven beweging wordt geleid door een vrouw, Jeanne Mancini, en dat geldt ook voor veel van de meest invloedrijke pro-leven belangengroepen in Washington” (19 januari 2019). Om de scheidingsmuur die pro-leven vrouwen buiten houdt te versterken, werd de Washington D.C. ‘Vrouwen Mars’ in 2021officieel de ‘Rally for Abortion Justice’ [Ned. vert.: de demonstratie voor rechtvaardigheid inzake abortus] genoemd.

De abortuskwestie is meer dan genderpolitiek en stellingname. Het is geen ‘vrouwenrechten kwestie’. Ze is van belang voor elk lid van de samenleving. In feite zijn velen die beweren bezorgd te zijn over het ‘uitwissen’ van vrouwen, meer dan blij om zelf de ‘uitwisser’ te hanteren wanneer vrouwen het niet met hen eens zijn.

DE LEUGEN: het woord ‘doden’ is niet eens zinvol in de discussie over abortus – je doodt niet echt iets.

DE WAARHEID: de waarheid: voorstanders van abortus weten dat ongevoeliger gemaakte mensen de procedure gemakkelijker zullen accepteren, maar abortus doodt ontegenzeggelijk een menselijk wezen.

Net als het ontmenselijken van de mens in ontwikkeling – proberen te suggereren dat de woorden ‘foetus’ of ‘embryo’ over iets onmenselijks gaan, in tegenstelling tot de duidelijke betekenissen van ‘baby’ of ‘kind’ – probeert misleidend taalgebruik het feit te verbergen dat een abortus een leven beëindigt, ook al onthullen de feiten dat deze precies dat doet. Dr. David Molloy van de Australian Medical Association zei tegen verslaggeefster Madeline Healey: “uiteindelijk is de waarheid dat wanneer je een abortus uitvoert je iets doodt” (“Abortion Starkly Depicted in Film”, News.com.au, 22 juli 2004).

Molloy reageerde op de Britse pro-abortus documentaire My Foetus van filmmaker Julia Black. Het siert Black dat haar documentaire deze onvermijdelijke waarheid niet uit de weg ging: abortussen doden. In een artikel in de Guardian klaagt Black dat haar medepleitbezorgers van abortus te gemakkelijk worden afgeschrikt door beelden van geaborteerde foetussen, en te vaak niet bereid zijn om de werkelijke feiten te adresseren van wat hun filosofie kracht geeft – een filosofie die zijzelf onderschrijft. “Rationeel weten we dat abortus het leven van een potentieel mens beëindigt, maar waarom zijn we zo geschokt als we zien hoe ze eruit zien?” (“My Abortion and My Baby”, 3 april 2004). Zij beweert dat voorstanders van abortus hun eigen zaak schaden door de realiteit van wat abortus is te ontkennen.

Sommige voorstanders van abortus gaan zo ver dat ze kinderen in de baarmoeder beschrijven als ‘parasieten’ die leven van het onderhoud door hun moeder – een groteske en onredelijke beschrijving van de menselijke voortplanting. Toch kan het extreme taalgebruik dienen om het punt te verduidelijken: Zou iemand willen beweren dat parasieten geen levende wezens zijn? Wanneer iemand een medicijn neemt dat bedoeld is om een lintworm te doden en te verwijderen, zal niemand bij zijn volle verstand beweren dat er ‘niets gestorven is’. Hoeveel te meer is het menselijk leven, dat zich ontwikkelt in de baarmoeder die ontworpen is om het te voeden en te verzorgen, een levend wezen?

De bewering dat een abortus niet echt iemand doodt, heeft in feitelijk geen basis, ongeacht het ontwikkelingsstadium van het kind.

DE LEUGEN tienduizenden vrouwen zullen elk jaar sterven als gevolg van gevaarlijke ingrepen ‘in achterkamertjes’ als abortus aan banden wordt gelegd

DE WAARHEID: mislukte legale abortussen zijn een groter probleem dan vermeende ‘illegale’ abortussen ooit zijn geweest.

Met name deze leugen is een krachtig gespreksonderwerp, zeker sinds de zaak Roe versus Wade van het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten in 1973. Wanneer abortus echter aan banden wordt gelegd, blijkt uit studies echter dat meer gebruik wordt gemaakt van andere geboortebeperkende mogelijkheden. Abortus op verzoek verhoogt het aantal mensen dat geboortebeperkende middelen negeert om conceptie te voorkomen. Het doet ook het aantal mislukte abortussen toenemen; uit een studie uit 2007 blijkt dat elk jaar meer dan 66.000 vrouwen sterven als gevolg van legale abortussen.

Maar hoe zit het met de claims van voorstanders van abortus over abortussen ‘in achterkamertjes’? De cijfers die werden aangehaald in Roe versus Wade werden later ontmaskerd als frauduleus volgens een van de meest prominente figuren in die zaak, dr. Bernard Nathanson. Roe versus Wade was destijds een grote overwinning voor Dr. Nathanson als een van de oprichters in 1969 van The National Association for the Repeal of Abortion Laws. Toch schreef hij later in zijn beroemde essay “Confessions of an Ex-Abortionist” [Ned. vert.: Bekentenissen van een ex-voorstander van abortus]:

We wekten genoeg sympathie op om ons programma van liberale abortus te verkopen door het aantal illegale abortussen dat jaarlijks in de V.S. werd uitgevoerd, te vervalsen. Het werkelijke aantal naderde de 100.000, maar het cijfer dat we herhaaldelijk aan de media gaven was 1.000.000. Het vaak genoeg herhalen van de grote leugen overtuigt het publiek. Het aantal vrouwen dat stierf aan illegale abortussen lag rond de 200-250 per jaar. Het cijfer dat we voortdurend de media voorschotelden was 10.000.

Toen de medische vooruitgang, zoals echografie, de menselijkheid van het leven in de baarmoeder onloochenbaar begon te maken, liet het geweten van dr. Nathanson hem niet meer toe, verder te gaan als voorstander van abortus. Hij wendde zich tot de pleitbezorgers voor het leven en bleef zich tot aan zijn dood in 2011 inzetten voor de zaak van het terugdraaien van de beleidsmaatregelen die hij had helpen invoeren. De leugens die hij ooit verspreidde ten dienste van abortus op verzoek blijven echter voortleven in het publieke bewustzijn.

DE LEUGEN: zonder abortus zouden veel vrouwen een leven leiden van bitterheid, spijt, wanhoop en gebroken dromen.

DE WAARHEID: na verloop van tijd betreurt de overgrote meerderheid van vrouwen aan wie een abortus is ontzegd dit niet.

Variaties hierop zijn een veelgehoorde bewering: het idee dat abortus het enige is dat tussen een groot aantal jonge vrouwen staat en een leven dat zij gaan haten en betreuren, wanneer zij kinderen opvoeden die zij dit verwijten.

Feitelijke studies suggereren echter het tegendeel. Dr. Diana Greene Foster van het Bixby Center for Global Reproductive Health aan de Universiteit van Californië te San Francisco behandelt dergelijke vragen in haar uitgebreide boek The Turnaway Study uit 2021. Als een boek dat abortus in het algemeen steunt, zijn de bevindingen des te geloofwaardiger:

Een week na abortusweigering [dat wil zeggen, een abortus wensen maar geweigerd worden], meldde 65% van de deelneemsters nog steeds te wensen dat ze de abortus had kunnen hebben; na de geboorte meldde slechts 12% van de vrouwen dat ze nog steeds wenste dat ze de abortus had kunnen hebben. Op het moment van de eerste verjaardag van het kind wenste 7% nog steeds dat zij een abortus had kunnen laten uitvoeren. Na vijf jaar was dit gedaald tot 4% (p. 126).

Merk op dat, vijf jaar nadat een abortus was aangevraagd maar geweigerd, 96 procent van de vrouwen niet langer wenste dat het hen gelukt was een abortus te laten uitvoeren. Zoals dr. Foster later schreef, als de cijfers worden beperkt tot degenen die ervoor kozen hun kind op te voeden in plaats van het voor adoptie af te staan, daalt het percentage van hen die wensten dat zij de abortus hadden kunnen laten uitvoeren tot slechts 2 procent.

Dr. Foster is geen pro-leven voorstander, wat haar cijfers nog overtuigender maakt. Het idee dat een wijdverspreide toegang tot abortus op verzoek de sleutel is tot het redden van vrouwen en meisjes van een leven vol spijt en bitterheid is volkomen onjuist.

DRAGERS VAN HET EVENBEELD VAN HUN SCHEPPER

We hebben krachtige waarheden aan de orde gesteld als antwoord op slechts zeven van de gevaarlijke leugens van de abortusindustrie. Maar, als we de tijd en de ruimte hadden, zouden we er nog tientallen meer kunnen opnoemen. Het met behulp van taalverdraaiing een foetus afdoen als ‘een klomp cellen’ – zijn we niet allemaal ‘klompen cellen’, en geeft dit iemand het recht om ons te doden? – is een standaard tactiek die de abortusindustrie gebruikt om ons ongevoelig te maken en af te leiden. En misleidende pogingen om sympathie te winnen vanuit valse vooronderstellingen is een andere tactiek die pro abortus krachten steeds weer op nieuwe en verraderlijke manieren gebruiken.

Bij dit alles moeten we het belang inzien van Jezus Christus’ verklaring dat het kennen van de waarheid ons vrijmaakt (Johannes 8:32). Hoewel Hij zeker sprak over de waarheid in de ruimste zin van het woord, is de waarheid over het leven in de baarmoeder een diepgaand deel van die grotere waarheid. Zonder een goed begrip van de wereld klungelen we rond in de duisternis, botsen tegen muren, stoten onze knieën tegen meubilair, en struikelen over obstakels die we niet eens kunnen onderscheiden. Als we ooit in het reine willen komen met abortus, moeten we leugens en verkeerde informatie achter ons laten.

Als we dat eenmaal bereikt hebben, zullen we vrij zijn om kinderen in ontwikkeling te zien als wat ze werkelijk zijn: individuele menselijke wezens, gemaakt naar Gods evenbeeld, net zoals Genesis 1:27 over ons allemaal zegt. Alle mensenlevens, uniek in de hele schepping als dragers van het beeld van de Schepper, zijn heilig. Hun waarde – in welk stadium van ontwikkeling dan ook – wordt niet bepaald door de vraag of zij gewenst zijn of dat zij gepland zijn.

Uiteindelijk kunnen we prenatale kinderen niet als minder dan menselijk behandelen zonder het risico te lopen ons allemaal te ontmenselijken. Daarom behoren de vragen die abortus aan het licht brengt tot de belangrijkste die een beschaving zich kan stellen. Als we deze kwesties overwegen, is het afleggen van leugens en onszelf toewijden aan de waarheid – zelfs de pijnlijke en ongemakkelijke waarheid – een vitale eerste stap. Laten we allemaal de moed hebben om die te nemen.