Dit artikel is de vertaling van het Engelstalige artikel “When Hard Work Is Not Enough” (Tomorrow’s Families Today), door Rod McNair, verschenen in het Tomorrow’s World magazine van juli-augustus 2025.

Theodore Roosevelt was de zesentwintigste president van de Verenigde Staten en hij heeft een enorme invloed gehad op de ontwikkeling van Amerika. Zijn nalatenschap omvat het opsplitsen van enorme bedrijfsmonopolies, het aandringen op regelgeving voor voedsel- en geneesmiddelenveiligheid en het reserveren van 93 miljoen hectare land voor openbaar gebruik. Hij was de eerste Amerikaanse president die de pers als middel gebruikte om rechtstreeks met het publiek in contact te komen, en als president had hij ongeëvenaarde energie en charisma.

Maar wij hadden het mis aangaande hem.

In zijn vroege jeugd leed Theodore jr. (zijn vader was ook een Theodore) aan een ernstige vorm van astma. Biograaf David McCullough vertelde over een gesprek dat Roosevelts vader met hem had toen hij nog een jongen was: “Theodore, je hebt het verstand, maar je hebt het lichaam niet, en zonder de hulp van het lichaam kan het verstand niet zo ver komen als het zou moeten. Je moet je lichaam maken. Het is een moeilijk en saai werk om je lichaam te maken, maar ik weet dat je het zult doen.” (Mornings on Horseback, 2001, p. 112).

En hij maakte het. De jonge Teddy stortte zich met hart en ziel op krachttraining en longcapaciteitsoefeningen – zozeer zelfs dat zijn reputatie onze generatie heeft bereikt als het inspirerende verhaal van een jonge jongen die fysieke beperkingen overwon. Teddy Roosevelt is de belichaming geworden van persoonlijke zelfontwikkeling – het idee dat als je hard genoeg werkt en je je volledig inzet voor een doelstelling, je vrijwel alles kunt bereiken.

Alleen ging het niet helemaal zo. Roosevelts astma verbeterde drastisch toen hij jonge volwassenheid bereikte, maar dat was niet alleen te danken aan zijn oefeningen. McCullough schreef: “Er zou later een misvatting ontstaan dat hij zijn jeugdziekte voornamelijk overwon door wilskracht en body building, dat hij van zijn astma afkwam door zichzelf tot een sterke man te maken. Maar dat is niet helemaal zoals het is gegaan.” (p. 167).

McCullough legde uit dat Roosevelts astma niet helemaal verdween. Zijn vastberadenheid en doorzettingsvermogen speelden zeker een rol in wat hij hij gedurende zijn leven bereikte. Maar wat zijn astma betreft, waren er vermoedelijk andere factoren dan zijn oefeningen die tot zijn verbetering leidden – veranderingen in zijn omgeving en levenssituatie waren waarschijnlijk belangrijker.

Mythe versus realiteit

Teddy Roosevelt belichaamt de Amerikaanse mythe dat men bijna alles kan overwinnen als men maar hard genoeg probeert. Maar de harde, koude realiteit is dat veel factoren buiten onze controle liggen. We kunnen niet alles bereiken wat we willen. Soms veranderen dingen en verbeteren onze omstandigheden – op andere momenten moeten we leren leven met onze beperkingen. Hoe dan ook, hard werken op zich, hoe belangrijk ook, garandeert niet altijd succes.

We zien dit overal ter wereld om ons heen. Sommige mensen leven in landen die geteisterd worden door politieke repressie en zelfs geweld. Sommigen worden gedwongen hun huis te ontvluchten voor hun eigen veiligheid. Alleen maar harder werken – zelfdiscipline en doorzettingsvermogen aan de dag leggen – lost hun problemen niet op. Anderen, die in arme landen met beperkte kansen wonen, worstelen financieel. Ze krijgen misschien een goede opleiding, hebben een sterke werkethiek en streven ernaar hun omstandigheden te verbeteren, maar de externe omstandigheden houden hen tegen.

Voor anderen maken gezondheidsproblemen hun leven moeilijk. Ik had een klasgenoot in de vijfde klas, David, die aan een rolstoel gekluisterd zat vanwege een zeldzame ziekte waardoor zijn voeten en handen zich niet normaal konden ontwikkelen. De rest van ons werd gewaarschuwd om niet tegen hem aan te botsen, omdat zijn huid gemakkelijk kon barsten en bloeden. Hij schreef met de grootste moeite door een potlood of pen tussen zijn misvormde handen te houden. David was buitengewoon intelligent en was de beste van zijn klas, maar alle doorzettingsvermogen, zelfdiscipline en hard werken in de wereld hadden geen keer kunnen brengen in zijn fysieke toestand.

Onze X-factor

De Bijbel leert ons wel degelijk om hard te werken – de Schrift staat vol met adviezen over de voordelen en zegeningen van een ijverige persoonlijke inzet. Koning Salomo adviseerde: "Alles wat uw hand vindt om te doen, doe dat naar uw vermogen, want er is geen werk, geen overleg, geen kennis of wijsheid in het graf, waar u naartoe gaat." (Prediker 9:10). Hij benadrukte hoe belangrijk het is om onze tijd te gebruiken om te leren en te groeien.

Maar misschien is het geen toeval dat Salomo al in het volgende vers erkent dat we allemaal beperkingen hebben: "Opnieuw zag ik onder de zon dat niet de snellen de wedloop winnen, en ook niet de helden de strijd, ook dat niet de wijzen brood hebben, en ook niet de verstandigen rijkdom, en evenmin de kenners gunst. Tijd en toeval overkomen hun immers allen." (vers 11). Soms bepalen omstandigheden onverwachte uitkomsten, ondanks de beste planning, voorbereiding of inspanning. Het is goed om dit in gedachten te houden, zelfs als we ons best doen. Tijd en toeval kunnen iedereen overkomen.

Maar er is een 'X-factor' voor degenen die een relatie met God hebben – zowel voor ouders als voor hun kinderen (Handelingen 2:39; 1 Korinthe 7:14). Als we ons in gehoorzaamheid en berouw aan God onderwerpen, zal Hij de zegeningen van Zijn levenswijze beschikbaar stellen. Christelijke ouders hebben de mogelijkheid en de verantwoording om hun kinderen te leren dat als ze Hem nederig volgen in een gehoorzame en berouwvolle houding, Hij over hen zal waken – hun leven zal niet zomaar door toeval worden beheerst. Over Zijn volgelingen zei Jezus: "Mijn Vader, Die hen aan Mij gegeven heeft, is meer dan allen, en niemand kan hen uit de hand van Mijn Vader rukken..." (Johannes 10:29). Als we Zijn hulp aanvaarden, zal Hij niet toestaan dat wij – of onze kinderen – boven wat wij aankunnen worden beproefd, maar "Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan." (1 Korinthe 10:13).

Als ouders moeten we onze kinderen leren dat wanneer ze hun hand in Gods hand leggen, Hij hen zal leiden en helpen. Hij zal hen nooit verlaten of in de steek laten (Hebreeën 13:5). Maar we moeten hen ook uitleggen dat God ons soms in beproevingen laat blijven, omdat Hij ons leert om op naar Hem op te zien en op Zijn hulp te vertrouwen. De apostel Paulus schreef over het leren van deze les:

Hierover [een lichamelijke aandoening of zwakheid] heb ik de Heere driemaal gesmeekt dat hij van mij weg zou gaan. Maar Hij heeft tegen mij gezegd: "Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen. Daarom heb ik een behagen in zwakheden, in smadelijke behandelingen, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus' wil. Want wanneer ik zwak ben, dan ben ik machtig." (2 Korinthe 12:8-10; nadruk van ons).

Dus, wanneer u met een beproeving te maken krijgt – of wanneer u uw kinderen leert om een probleem tegemoet te treden – bedenk dan dat we niet op deze aarde zijn gekomen om een ereronde te maken. We krijgen hier de tijd om een relatie met God op te bouwen en Hem te leren vertrouwen. Door op Hem te steunen en om Zijn hulp te vragen, zien we hoe Hij ons sterkt en bemoedigt, zelfs in beproevingen.

Hard werken brengt ons ver, maar soms is het niet genoeg. Soms hebben we een X-factor nodig. Voor Christenen is de allergrootste X-factor onze relatie met de Schepper en Onderhouder van het Universum, onze liefhebbende Vader.